“De Tour is voorbij”, “De
Tour is beslist”, “Het waren 11 mooie dagen maar nu kijk ik alleen nog naar de
slotrit”.

Het zijn enkele van de
vele berichten die ik voorbij zie komen als Chris Froome op overtuigende
en verpletterende wijze de eerste bergrit wint vandaag.

Ik heb ervan genoten, al
had ik ook wel gehoopt dat het verschil uiteindelijk iets kleiner was geweest.
Als de heer Froome onderweg nog even een picknick pauze had genomen of gestopt
was om wat handtekeningen uit te delen, was de spanning nu misschien nog iets
groter geweest. Maar dat de Tour nu voorbij is en ik niet meer zou willen
kijken?

Nee, zeker niet.

Zoals ik al vaker zei ben
ik geen kenner maar een liefhebber. Ik kijk graag naar de koers, naar de
renners, naar de beelden. Luister graag naar de renners, hun verzorgers, de entourage
en ook naar de commentaren tijdens de rit. En dat was allemaal mooi om te zien en
te horen . De strijd door de achtervolgers, het afzien, de messteken die ze
ongetwijfeld in hun benen gevoeld hebben, hun longen die waarschijnlijk leeg en
droog leken, adem tekort en afzien, onmenselijk hard afzien. Ik heb er respect
voor, oneindig veel respect. Alleen daarom al blijf ik kijken, uit respect voor
al die renners, als aanmoediging naar hen toe blijf ik voor de tv zitten, of
spring ik recht als het spannend wordt. Misschien zien ze het niet, ze voelen
het vast.

En ook voor de beelden en
reportages die ’s avonds getoond worden in Vive Le Vélo. De gesprekken die mij
diep raken, die mij ontroeren en mijn respect voor velen doet toenemen. Mensen
en hun emoties, diepe emoties en mooie woorden, ook dat is de Tour, ook dat is
koers. Het hoort er onlosmakelijk bij, dus laten we niet te klein en te eng
kijken, maar aanschouw liever het brede landschap en ik verzeker iedereen dat
het onder je huid kruipt. En dat de Tour nog lang niet voorbij is en
ongetwijfeld nog heel veel moois in petto heeft.

Doet Froome dit op eigen
kracht of met een beetje hulp van hier of daar? Ik weet het niet, ook ik gun
hem het voordeel van de twijfel. Als je Froome in de Tour van 2014 zag, als een
hoopje ellende, elke tegenslag was voor hem. Nog voor zijn wielen de kasseien
raakten, kroop hij in de auto en droop af. Ik gunde hem een glorierijke
terugkeer. Misschien is zijn doping wel het keiharde trainen, een leven
volledig en alleen in het teken van de Tour. Ik kan mij van Froome voorstellen
dat hij leeft en werkt voor één doel en daar heel perfectionistisch in is. Dat
zie je ook aan hem, dat voel je in zijn gedrag in de Tour. In kleine dingen, minuscule
details, laat hij zien en voelen hoe hij bijna autistisch met zijn sport bezig
is. Ik heb niet het gevoel dat hij zich enige uitspattingen des levens zal
veroorloven. Misschien ligt daar het
verschil met andere renners in het peloton, die eventueel wel hetzelfde niveau
zouden kunnen halen maar ook nog leven naast de training en de koers? Maar
zoals ik al zei, is dit louter een gevoel van een liefhebber.

Ik hoop op nog vele dagen
mooie koers en daar geloof ik rotsvast in. Er gaan nog bergen bereden en verzet
worden de komende dagen en voor wie het mocht interesseren, ik roep ze allemaal
mee naar boven. En als ik dan aan de legendarische woorden van Michel Wuyts
denk op het moment dat Tom Boonen op een glansrijke overwinning af fietst in Parijs
– Roubaix, wij allemaal op het puntje van onze stoel zitten en onze nagels er
allemaal afbijten, hij ineens zegt: “Hij kan in deze fase van de wedstrijd nog
altijd lek rijden hé!” Wie weet…

Vanmorgen werd ik wakker
van kriebelende wimpers tegen mijn wang, “Een vlinderkusje voor jou mama, omdat
je jarig bent.” Ik doe mijn ogen open en kijk in twee blinkend kleine kijkers. Het
werd een mooie dag.